Displaying 1 - 10 of 10
-
Kempen, G., & Harbusch, K. (2019). Mutual attraction between high-frequency verbs and clause types with finite verbs in early positions: Corpus evidence from spoken English, Dutch, and German. Language, Cognition and Neuroscience, 34(9), 1140-1151. doi:10.1080/23273798.2019.1642498.
Abstract
We report a hitherto unknown statistical relationship between the corpus frequency of finite verbs and their fixed linear positions (early vs. late) in finite clauses of English, Dutch, and German. Compared to the overall frequency distribution of verb lemmas in the corpora, high-frequency finite verbs are overused in main clauses, at the expense of nonfinite verbs. This finite versus nonfinite split of high-frequency verbs is basically absent from subordinate clauses. Furthermore, this “main-clause bias” (MCB) of high-frequency verbs is more prominent in German and Dutch (SOV languages) than in English (an SVO language). We attribute the MCB and its varying effect sizes to faster accessibility of high-frequency finite verbs, which (1) increases the probability for these verbs to land in clauses mandating early verb placement, and (2) boosts the activation of clause plans that assign verbs to early linear positions (in casu: clauses with SVO as opposed to SOV order).Additional information
plcp_a_1642498_sm1530.pdf -
Kempen, G. (1981). De architectuur van het spreken. TTT: Interdisciplinair Tijdschrift voor Taal & Tekstwetenschap, 1, 110-123.
-
Kempen, G., & Van Wijk, C. (1981). Leren formuleren: Hoe uit opstellen een objektieve index voor formuleervaardigheid afgeleid kan worden. Tijdschrift voor Taalbeheersing, 3, 32-44.
-
Kempen, G., & Fokkema, S. (1981). Ten geleide. Nederlands Tijdschrift voor de Psychologie en haar Grensgebieden, 36, 345-346.
-
Kempen, G. (1981). Taalpsychologie. In H. Duijker, & P. Vroon (
Eds. ), Codex Psychologicus (pp. 205-221). Amsterdam: Elsevier. -
Van Wijk, C., & Kempen, G. (1981). Het effect van sociale klasse en gesprekssituatie op het gebruik van connectieven in mondeling en schriftelijk taalgebruik. Tijdschrift voor Taalbeheersing, 3, 203-209.
Abstract
Van den Broeck (1977, 1980) heeft een pragmatische interpretatie voorgesteld voor de verschillende wijzen waarop leden van hogere en lagere sociaal-economische klassen hun taaluitingen syntaktisch struktureren. Ter ondersteuning hiervan presenteerde hij gegevens m.b.t. gemiddelde zinscomplexiteit bij sprekers uit twee sociaal- conomische klassen in formele en informele gesprekssituaties. Het in dit artikel gerapporteerde onderzoek slaagt er niet in van den Broeck's uitkomsten te repliceren. Waarschijnlijk berusten ze op een contaminatie van gesprekssituatie met taalkeuze (standaardtaal vs. lokaal dialekt). Mede op basis van de nieuwe gegevens wordt i.p.v. de pragmatische interpretatie een vaardigheidsinterpretatie voorgesteld. T.g.v. vooropleiding en beroep beschikken leden van verschillende sociaal- economische klassen over uiteenlopende vaardigheidsniveaus in verhalend (narrative) en verklarend (expository) taalgebruik. Dit uit zich in het gebruik van connectieven: funktiewoorden die logischsemantische relaties tussen proposities uitdrukken. -
Kempen, G. (1971). [Review of the book General Psychology by N. Dember and J.J. Jenkins]. Nijmeegs Tijdschrift voor Psychologie, 19, 132-133.
-
Kempen, G. (1971). Het onthouden van eenvoudige zinnen met zijn en hebben als werkwoorden: Een experiment met steekwoordreaktietijden. Nijmeegs Tijdschrift voor Psychologie, 19, 262-274.
-
Kempen, G. (1971). Opslag van woordbetekenissen in het semantisch geheugen. Nijmeegs Tijdschrift voor Psychologie, 19, 36-50.
-
Lutte, G., Sarti, S., & Kempen, G. (1971). Le moi idéal de l'adolescent: Recherche génétique, différentielle et culturelle dans sept pays dÉurope. Bruxelles: Dessart.
Share this page